Evolutie van vloeren

Verschenen op 17/03/2015 in de rubriek Interieur -> Vloeren

Bewust of onbewust beïnvloedt deze erfenis vaak onze keuzen.  Door de eeuwen heen zijn vloeren van een groot aantal verschillende materialen vervaardigd, van mozaïek tot riet, van geverfd oliedoek tot aangestampte aarde.  Ideeën die nu nieuw en origineel lijken, blijken vaak al een indrukwekkende staat van dienste te hebben.. vloerbedekking van natuurlijke vezels bijvoorbeeld, dé keus sinds de jaren tachtig, stamt af van de lagen riet die men in de middeleeuwen op de vloeren van Engelse herenhuizen legde, terwijl George IV van rijkelijk versierde staatsiezalen hield, gecombineerd met eenvoudige kokosmatten.  Mozaïek wordt al sinds de Oudheid toegepast.

Toch waren de vloeren in de meeste huizen tot aan de industriële revolutie vrij eenvoudig en rudimentair.  Gebouwen werden voornamelijk opgetrokken uit materialen uit de omgeving (bakstenen of hout uit nabijgelegen bossen). Enkele uitzonderlingen daargelaten waren de vloer niet meer dan een constructie-onderdeel, en tapijten, zeldzame, kostbare zaken die door handelaars uit het Midden-Oosten werden aangevoerd, waren peperdure luxeproducten die aan muren werden gehangen of over tafels gelegd.

Met de opkomst van de tapijtindustrie in Wilton en Axminster in Zuidwest Engeland en de hofweverijen in Frankrijk werd tapijt algemener verkrijgbaar, en begon men het vaker op de vloer te gebruiken dan als wandbekleding.  Voor de meeste mensen bleef tapijt echter een luxeproduct.  In Engeland werd het elegante raffinement van Georgian interieur meestal gecombineerd met betrekkelijk grove, houten vloeren die uit met zand geschuurde planken bestonden.  De lichte tinten hiervan stonden goed bij de koele, fletse kleuren die de achttiende-eeuwse decoratiestijl karakteriseren.

Op vloeren in keukens en hallen , waar vloeren altijd van zware, duurzame materialen waren zoals gebakken aarde, natuursteen en baksteen, begon men nieuwe materialen toe te passen. Tegels met ingebrande kleuren, met hun gotische motieven, drukten de negentiende-eeuwse fascinatie voor Middeleeuwse kunst uit en werden vanaf de tweede helft van die eeuw vaak gebruikt voor gangen en portieken.  Oliedoek was een handig en goedkoop alternatief, vaak overdadig versierd om het op duurder materiaal te laten lijken.  De opvolger hiervan, linoleum, verscheen rond de eeuwwisseling.

Linoleum kwam op de markt om een hygiënischer leefomgeving te creëren waar stof en ongedierte zich niet in zware draperieën of tapijten konden nestelen.  Deze hang naar schone vloeren betekende dat kamerbrede tapijten werden vervangen door kleinere kleden die gemakkelijker te onderhouden waren en over geboende of geverfde vloerdelen werden gelegd.

In de loop van de twintigste eeuw is de keuze aan synthetische vloeren sterk gestegen, terwijl natuurlijke vloermaterialen uit de hele wereld beter verkrijgbaar werden.  Tegelijkertijd heeft een rijkdom aan stijlinvloeden zijn intrede gedaan – invloeden variërend van de mediterrane villa, het traditionele Japanse huis, de cottage uit Cornwall, het appartement in Manhattan, tot zelfs de industriële high tech esthetiek van de fabriek of kantoor. Het is zonder meer mogelijk iedere stijl te creëren die u aanstaat.  Door deze onbeperkte keuze is het soms lastig te bepalen waar u moet beginnen.